Het vmbo-systeem Bron: www.youtube.com

De vmbo-niveaus

Alle leerlingen hebben een verplicht gemeenschappelijk, een vrij en een profieldeel. Voor dat laatste kunnen ze kiezen uit verschillende beroepsgerichte profielen. Tijdens de briefing van de startbijeenkomst geeft je contactpersoon van JINC toelichting op het onderwijsaanbod van de school waar je coacht.

Belangrijk om te weten is dat het vmbo vier niveaus telt. De theoretische leerweg oftewel vmbo-t, is vergelijkbaar met de vroegere mavo. Hieronder kun je lezen wat de onderlinge verschillen tussen de niveaus zijn.

Theoretische leerweg (vmbo-t)

Niveau: vergelijkbaar met wat voorheen de mavo was.
Vakken: profiel + 6 algemeen vormende vakken.
Uitstroomrichting: mbo niveau 3 en 4. Ook de havo is een optie.

Gemengde leerweg (vmbo-g)

Niveau: een mengvorm van theoretische en praktische vakken, bedoeld voor leerlingen die vrij goed kunnen leren maar zich ook al gericht oriënteren op bepaalde sectoren.
Vakken: beroepsgericht profiel + 2 beroepsgeoriënteerde vakken.
Uitstroomrichting: mbo niveau 3 of 4.

Kaderberoepsgerichte leerweg (vmbo-k)

Niveau: vergelijkbaar met de vroegere lts, huishoudschool en lagere agrarische school. Deze opleiding is gericht op leerlingen die het liefst en het best leren op basis van praktijkgericht onderwijs.
Vakken: beroepsgericht profiel + 4 beroepsgeoriënteerde vakken.
Uitstroomrichting: mbo niveau 3.

Basisberoepsgerichte leerweg (vmbo-b)

Niveau: De leerlingen van deze leergang worden opgeleid tot beroepen waarbij ze, meestal als assistent, eenvoudige werkzaamheden uitvoeren.
Vakken: beroepsgericht profiel + 4 beroepsgeoriënteerde vakken.
Uitstroomrichting: mbo niveau 1 of 2.